De timing van het rapport van de samenwerkingstafels is prima, vindt minister Kajsa Ollongren (BZK). De gemeenteraadsverkiezingen staan voor de deur, wonen is een belangrijk thema. Het rapport van Rob van Gijzel kan nieuwe colleges inspireren aan de slag te gaan met de praktische aanbevelingen. ‘Een goed moment om door te pakken.’

‘Hóóg!’, benadrukt Ollongren als antwoord op de vraag welke positie middenhuur heeft op haar prioriteitenlijst. ‘Er is groot tekort op de woningmarkt. Middenhuurwoningen zijn een voorwaarde voor een goed functionerende woningmarkt. Betaalbare huurwoningen bevorderen de doorstroming. Dat is nodig voor al die starters en jonge gezinnen, die te veel verdienen voor een sociale huurwoning en te weinig voor een koophuis of duurdere huurwoning.’

Gemeenten kunnen veel doen

De minister vindt dat de samenwerkingstafels laten zien dat lokale overheden goed in staat zijn om meer middenhuurwoningen te realiseren. ’Gemeenten hebben veel mogelijkheden om meer middenhuurwoningen te realiseren.

Denk aan het mengen van wijken, zoals in Den Haag, waar plannen zijn om 100 woningen te slopen en 150 sociale huurwoningen en middenhuurwoningen voor in de plaats te laten komen. En Haarlem, die op verzoek van de marktpartijen voorwaarden stelt aan de verkoop van grond. Ook maken de gemeenten van de samenwerkingstafels heldere afspraken met corporaties en investeerders. Bijvoorbeeld dat middenhuur voor minstens 15 jaar middenhuur blijft. Van zulke goede voorbeelden kunnen we veel leren.’

Kajsa Ollongren, minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

Vereenvoudigde markttoets

De samenwerkingstafels laten ook grote regionale verschillen zien. 'Dit toont aan dat het goed is dat gemeenten het voortouw nemen.’

Ollongren voegt er meteen aan toe dat dit zeker niet betekent dat gemeenten alles moeten doen. ‘Bij de woningmarkt zijn veel partijen betrokken. Daarom is ook op landelijk en regionaal niveau regie nodig. We moeten het samen doen. Als verantwoordelijk minister voor wonen wil ik daar graag een rol in spelen.’

Zo komt er dit jaar nog een vereenvoudigde markttoets. ‘We gaan de toets zo inrichten, dat het snel duidelijk wordt of marktpartijen aan de slag kunnen met het bouwen van middenhuurwoningen. Als dat niet zo is, kunnen corporaties daar snel op inspelen.’

Ook krijgt het onderwerp middenhuur een vaste plaats op de agenda van het landelijke overleg met de brancheorganisaties en het regionale overleg met provincies en gemeenten. Daarin maakt de minister afspraken over een goed functionerende woningmarkt. Een belangrijk onderwerp is de regionale planning van middenhuur.

Goed bereikbaar

Een goede mix tussen koopwoningen, sociale huur, middenhuur en het duurdere  huursegment is een ding. Goede bereikbaarheid een andere. 

'Als ergens wordt nagedacht over nieuwe woningen, moet je ook zorgen dat die bereikbaar zijn. Dus niet eerst een hele woonwijk bouwen en dan nadenken over infrastructuur. Dat wil ik dus ook voor de middenhuur integraal aanpakken.

Ik overleg hierover met minister Van Nieuwenhuizen van Infrastructuur en Waterstaat. Samen nemen we ook deel aan een landelijke overlegtafel over bereikbaarheid. Daarin denken we ook graag met gedeputeerden en wethouders mee over de aansluiting van woonplannen en infrastructuur. De eerste bespreking hebben we net achter de rug. Er was veel draagvlak voor onze betrokkenheid.’

De komende tien jaar zijn ongeveer 200.000 middenhuurwoningen nodig. Een enorme opgave. Gaat dat lukken? 'Als we het echt met elkaar doen wel. Het uitgangspunt is goed. Iedereen is ermee bezig - kabinet, provincies en gemeenten. Nu is het zaak de versnelling die de samenwerkingstafels in gang hebben gezet door te zetten.'