Tekst Tanja Morsheim en Daphne Bouman, Platform31
Foto Woonbron (2017)

Voor prettig wonen zet woningcorporatie Woonbron in op schone, hele en veilige woonomgeving en het tegengaan van overlast. Hun doel is ongestoord woongenot voor de bewoners en hun buren. Meer dan 95% van de complexen scoort goed bij bewoners op schoon, heel en veilig. De bewoners scoren de inzet van Woonbron op woonoverlastzaken op een 7. Deze goede beoordeling komt door wijkvisies, prestatieafspraken, de inzet van Woonbron en een goede samenwerking met de gemeente, waarbij ambities en afspraken vorm krijgen in convenanten. In samenwerking met onder andere complexbeheerders, sociaal beheerders en een wijkconciërge zetten ze actief in op vitale wijken in Rotterdam. Enno Vitner (beleidsadviseur wonen) en Jan-Willem Verheij (teamleider strategie en beleid) lichten vanuit strategisch perspectief toe hoe Woonbron werkt aan vitale wijken. 

CROW is een Nederlandse stichting die zich opstelt als kennisinstituut voor infrastructuur, openbare ruimte, verkeer en vervoer, en werk en veiligheid. CROW oorspronkelijk een acroniem voor Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek. 

Woonbron zet zich al lange tijd in op het thema ‘schoon, heel en veilig’. De herziene Woningwet in 2015 leverde door de normering van leefbaarheid (een vastgesteld maximaal bedrag per woning) meer administratieve lasten op, maar ondanks deze wijziging scoorde de corporatie goed op leefbaarheid. Enno Vitner (beleidsadviseur bij Woonbron): “Ondanks het stoeien met het normbedrag hebben we ook in die tijd goed weten te scoren op leefbaarheid. De inzet op schoon, heel en veilig is in die tijd versterkt.” Woonbron wilde een instrument om meer handen en voeten te geven aan die inzet en het resultaat daarop. Daarvoor schakelde Woonbron een adviesbureau in om een kwaliteitshandboek “schoon, heel en veilig” te ontwikkelen voor hun gebouwen, geïnspireerd op het Kwaliteitshandboek voor Openbare Ruimte van het CROW. Samen met leden van de bewonerscommissie ging de corporatie met het handboek in de hand ook de wijk in om informatie op te halen en in gesprek te gaan met bewoners over hun wensen voor een woonomgeving die 'schoon, heel en veilig' is. Met deze informatie kan dan bijvoorbeeld snel gesignaleerd worden waar extra inzet op het thema nodig was in de directe leefomgeving. 

Enno Vitner (beleidsadviseur wonen bij Woonbron)
Enno Vitner (beleidsadviseur wonen bij Woonbron)
Jan-Willem Verheij (teamleider strategie en beleid bij Woonbron)
Jan-Willem Verheij (teamleider strategie en beleid bij Woonbron)

Leefbaarheid en convenanten

Op het gebied van leefbaarheid heeft Woonbron, samen met andere corporaties, ook convenanten afgesloten. Bij woonoverlast moet er snel gereageerd worden, stelt de corporatie. Het Convenant woonoverlast helpt daarbij. “De convenanten met onder andere de gemeenten en politie zijn gericht op een snelle aanpak en een juiste rolverdeling. Hiervoor zijn protocollen opgesteld”, aldus Verheij. Hij wijst ook op de privacy van mensen: “Het is soms een uitdaging om het woongenot van omwonenden af te wegen ten opzichte van de privacy van degene die woonoverlast veroorzaakt. Daar maken we heldere afspraken over in convenanten, want de politie mag niet zonder meer informatie delen." 

Inzetten op de sociale en fysieke kant van leefbaarheid

Voor zowel de fysieke leefomgeving als de sociale dynamiek in de wijk heeft Woonbron gespecialiseerde medewerkers in dienst, zo stelt Jan Willem Verheij (teamleider strategie en beleid). “De complexbeheerder houdt zich bezig met de fysieke kant, zoals het controleren van de schoonmaak en zorgen dat graffiti wordt verwijderd. De sociaal beheerder gaat dieper in op de sociale vraagstukken zoals armoede of verward gedrag. Zij kennen echt de mensen." In totaal lopen 80 medewerkers van Woonbron rond in de wijk om snel problemen op te pakken. 

"De wijkconciërge kijkt naar schoon heel en veilig én naar sociale vraagstukken, zoals de aanwezigheid van een groep hangjongeren of veiligheid in de wijk in het algemeen."

Ook is er in een aantal gebieden een wijkconciërge die zowel voor de gemeente als voor Woonbron werkt. De wijkconciërge werkt voor de hele wijk en wordt gefinancierd door zowel de gemeente als Woonbron. Het voordeel van de wijkconciërge is dat hij de mensen in de wijk kent én snel contact kan leggen met de juiste gemeenteambtenaren, aangezien hij deels in dienst is van diezelfde gemeente. “De wijkconciërge kijkt naar schoon heel en veilig én naar sociale vraagstukken, zoals de aanwezigheid van een groep hangjongeren of veiligheid in de wijk in het algemeen”, licht Verheij toe. “Op die manier kunnen we werken aan prettige woonomgeving voor de hele wijk. De wijkconciërge kijkt dus naar de woonomgeving en heeft feeling met de buurtbewoners." Vitner voegt toe: “Deze gezamenlijke inzet en verwachtingen op leefbaarheid leggen wij ook goed vast in de prestatieafspraken met de gemeente.” 

Een gezamenlijk beeld in de prestatieafspraken

Woonbron heeft prestatieafspraken gemaakt in Dordrecht, Delft, Nissewaard en Rotterdam. Allemaal gemeenten waar zij actief is. In Rotterdam verwijzen de prestatieafspraken naar eerdere convenanten, zoals het Convenant gegevensuitwisseling en Convenant gezamenlijke aanpak van woonoverlast. Prestatieafspraken dragen bij aan het neerzetten van een gezamenlijk visie en aanpak, zo stel Verheij. “Je kan twee soorten afspraken maken in deze situatie: een simpel afvinklijstje van actiepunten of prestatieafspraken gericht op een gemeenschappelijke visie en trajecten. Woonbron werkt naar de tweede optie toe.” Vitner: “Veel oudere prestatieafspraken zijn gemaakt door samenwerkingspartijen op basis van wantrouwen en controle, maar we willen dat ze gestoeld zijn op vertrouwen en ambities."   

Deurhanger van Woonbron
Als Woonbron ziet dat het ergens niet schoon of veilig is, hangen ze deze deurhanger op. Bewoners weten dan meteen wat te dieb om het woonplezier voor de buurt te vergroten.Bron: Woonbron

Nieuwe koers

Op het moment van interviewen (medio april 2021) werkt Woonbron aan een nieuw koersdocument, waarin het creëren van vitale wijken een belangrijk onderdeel is. “De balans in wijken met veel corporatiebezit moet teruggevonden worden. Hoe kunnen we een wijk een solide basis geven? Een oplossing ligt bij gemengde wijken. Sommige wijken met vooral sociale huurwoningen kennen een concentratie van kwetsbare bewoners, hoewel dat zeker niet overal zo is. Dan kan het helpen om wat sociale huurwoningen te vervangen door woningen in het middensegment, onder de voorwaarde dat die sociale huurwoningen elders weer wordt toegevoegd”, stelt Verheij. Voor deze nieuwe koers zet Woonbron in op alliantievorming, gezamenlijke wijkvisies opstellen en woonruimtebemiddeling.

Woonbron onderzoekt welke inzet van woonruimtebemiddeling effect heeft op de leefbaarheid. Hierbij gaat het om verschillende instrumenten, zoals loting en werken met wachtlijsten. Woonruimtebemiddeling is één onderdeel van de totale koers, aldus Vitner. “We gaan ook kijken naar wat een wijk nodig heeft. Je moet wel bedenken dat dit momenteel een klein effect heeft. De verhuisgraad is laag: 4 procent.”  

“Het leefbaarheidsvraagstuk gaan we niet alleen oplossen", stelt Verheij. Samenwerking met zorg- en welzijnsinstellingen, wijkagenten en de gemeente is nodig “We staan niet alleen in de wijk. Het gaat erover dat we niet ons territorium gaan afbakenen, maar kijken waar we samen kunnen optrekken." Verheij licht toe dat de corporatie aan de voorkant afspraken maakt met de samenwerkingspartners over de ambities voor de wijk, de aanpak en de rolverdeling. Door het opstellen van gezamenlijke wijkvisies ontstaat een breed draagvlak over veel cruciale zaken, zoals de zoals de ondersteuning van kwetsbare bewoners met zorg en welzijn, de leefbaarheidsaanpak en de ontwikkeling van onze woningvoorraad. 

Tips van Woonbron

  • Meten is weten: het tevredenheidsonderzoek onder bewoners bij “schoon, heel en veilig” helpt Woonbron bij het verbeteren van de directe leefomgeving. Vitner: “De manier waarop gemeenten de openbare ruimte monitoren en toetsen, biedt goede aanknopingspunten om de directe leefomgeving te onderhouden en te inspecteren door en met samen bewoners.” Bewoners konden kiezen uit beelden die het meest hun fysieke leefomgeving beschreven. “De bewoner ziet een afbeelding in een app met een straat met veel graffiti, met een beetje graffiti en met geen graffiti, en kan klikken op het beeld dat de situatie het best beschrijft. Zo ontvangen we snel veel data over een buurt.” 
  • Stel gezamenlijke ambities op voor wat nodig is in die wijk. Veranker deze ambitie in concrete afspraken. Denk bijvoorbeeld aan de gezamenlijk inzet van een wijkconciërge: ‘De wijkconciërge kijkt verder dan het complex, hij is in héél de wijk actief en kan snel schakelen tussen sociaal beheer en gemeentelijke hulpdiensten”, vertelt Verheij. Prestatieafspraken zijn hierbij nodig om zowel samen te werken aan prettig wonen voor iedereen en  afspraken te maken op de inzet en financiering van partijen.  
  • Zorg ervoor dat prestatieafspraken geen afvinklijstjes worden.